U bent hier: Home / Onderzoek / Doctoreren / Interesse?

Interesse?

 

Toelatingsvoorwaarden

Afhankelijk van het behaalde diploma, de behaalde graad en de nationaliteit wordt men als kandidaat-doctorandus/a onderverdeeld in een van de volgende categorieën en kan men toegelaten worden tot het facultaire doctoraatsprogramma.

Categorie 1

Minstens met onderscheiding een van onderstaande diploma’s behaald hebben aan een Vlaamse universiteit

  • Licentiaat of master (of science) in de psychologie (of psychologische wetenschappen)
  • Licentiaat of master (of science) in de pedagogische wetenschappen of de (opleidings- en) onderwijswetenschappen
  • Aanvullende studies van onderwijswetenschappen, KU Leuven
  • Complementary Studies Master of Educational Studies, KU Leuven
  • Master (of science) in de educatieve studies, KU Leuven
  • Master (of Science) in Educational Studies, KU Leuven

Categorie 2

Zonder onderscheiding een van de onderstaande diploma’s behaald hebben aan een Vlaamse universiteit of houder zijn van een ander licentiaats- of masterdiploma behaald aan een Vlaamse universiteit.
 :

  • Licentiaat of master (of science) in de psychologie (of psychologische wetenschappen)
  • Licentiaat of master (of science) in de pedagogische wetenschappen of de (opleidings- en) onderwijswetenschappen
  • Aanvullende studies van onderwijswetenschappen, KU Leuven
  • Complementary Studies Master of Educational Studies, KU Leuven
  • Master (of science) in de educatieve studies, KU Leuven
  • Master (of Science) in Educational Studies, KU Leuven

Aan deze kandidaten kan een predoctorale periode met proef opgelegd worden.

Categorie 3

Houder zijn van een diploma behaald aan een andere (niet-Vlaamse) universiteit of niet beschikken over de Belgische nationaliteit.
Aan deze kandidaten kan een predoctorale periode met proef opgelegd worden.

Financiering en statuten

Er zijn verschillende manieren om het doctoraatsonderzoek te financieren. Hieronder vindt men een overzicht van de mogelijkheden.

KU Leuven

De KU Leuven voorziet 2 bezoldigde statuten waaronder men kan doctoreren.

  • Doctoraatsbursaal (BAP)
    Een doctoraatsbursaal krijgt een fiscaal vrijgestelde beurs om zich voltijds te wijden aan het doctoraatsonderzoek.
    Meer informatie.
  • Assistent (AAP)
    Een assistent kan voltijds of deeltijds worden aangesteld en wordt verondersteld om voor minimum 70% aan een doctoraat te werken.
    Meer informatie.

Wenst men te doctoreren als doctoraatsbursaal of assistent, dan kan men solliciteren voor een van de vele vacatures die jaarlijks worden uitgeschreven. De meeste van deze vacatures verschijnen in mei en juni, maar ook de rest van het jaar kan men vacatures en ‘speciale oproepen’ vinden op de website van de personeelsdienst en op de website ‘geDOCumenteerd’.

Aspirant FWO en doctoraatsbursaal IWT

Doctorandi die van het FWO of het IWT een doctoraatsbeurs ontvangen, maar die hun onderzoek volledig aan de KU Leuven verrichten, zijn administratief en juridisch personeelslid van het FWO of het IWT, maar krijgen van de KU Leuven bijkomend het statuut van ‘bijzonder navorser’ welke behoort tot het Bijzonder Academisch Personeel (BAP) van de KU Leuven.
Meer informatie over dit statuut.
 

 
Doctoraatsbursalen (KU Leuven en IWT), assistenten en aspiranten FWO krijgen zowel het statuut van doctoraatsstudent als van Bijzonder (BAP) of Assisterend (AAP) Academisch Personeel van
de KU Leuven en kunnen gevraagd worden om naast hun doctoraatsonderzoek andere taken te vervullen. Algemene informatie over de belasting en de tijdsbesteding voor ondersteuningstaken
door doctorandi en ABAP in onderwijs en onderzoek, vind je in het reglement "Academisch Personeel" en de "Beleidsnota opdracht en taken van het assisterend en bijzonder academisch personeel".
 

Extra informatie over de bovenstaande ABAP-statuten vind je op de websites van:

Andere financiering

Heel wat nationale en internationale organisaties bieden beurzen aan voor onderzoek. Elke organisatie heeft zijn eigen voorwaarden en aanvraagprocedures. Meer informatie vindt men op de website van de overkoepelende doctoraatsschool van Humane en Sociale Wetenschappen en op de website 'geDOCumenteerd'.

Via dit soort financiering krijgt men enkel het statuut van doctoraatsstudent. Onder bepaalde voorwaarden kan men bijkomend het statuut van vrijwillig medewerker aanvragen. Dit is een onbezoldigd statuut waardoor de doctorandus/a iets meer faciliteiten krijgt.

Eigen financiering

Doctorandi kunnen zelf hun onderzoek financieren of buitenlandse kandidaten kunnen in eigen land financieringsmiddelen zoeken.

Ook via ‘eigen financiering’ krijgt men enkel het statuut van doctoraatsstudent en kan men onder bepaalde voorwaarden bijkomend het statuut van vrijwillig medewerker aanvragen.
 

BELANGRIJK!

Onafhankelijk van hoe het doctoraatsonderzoek wordt gefinancierd, moet men altijd een aparte aanvraag indienen om toegelaten te worden tot het facultaire doctoraatsprogramma. Gefinancierd worden op een van de bovenstaande manieren betekent dus niet dat men automatisch wordt toegelaten. Men kan zich pas inschrijven als doctoraatsstudent als men ook officieel is toegelaten tot het doctoraatsprogramma.

Onderwerp en promotor

Voordat de kandidaat doctorandus/a een aanvraag tot het doctoraatsprogramma kan indienen, moet eerst worden bepaald wie de promotor zal zijn en wat het onderwerp van het doctoraatsonderzoek zal zijn. Afhankelijk van de financiering en statuut kiest men al of niet zelf een promotor en een onderwerp.

Doctoraatsbursaal of assistent KU Leuven

In de aanvangsfase van het mandaat moet men een onderwerp en een promotor kiezen. Het onderwerp dient te passen binnen het onderzoek van de onderzoekseenheid die de vacature heeft uitgeschreven.

Aspirant FWO of doctoraatsbursaal IWT

De kandidaat-doctorandus/a kiest zowel de promotor als het onderwerp. In samenwerking met de promotor dient men een project rond een bepaald onderwerp in bij het FWO/IWT, volgens de geldende voorwaarden en deadlines.

Andere of eigen financiering

Men contacteert zelf een kandidaat-promotor op basis van de eigen onderzoeksinteresse. Bij de verschillende onderzoekseenheden kan men nakijken wie er in aanmerking komt om het onderzoek te begeleiden. Indien men geen geschikte kandidaat-promotor vindt, mag de kandidaat-doctorandus/a altijd contact opnemen met de coördinator van het facultaire doctoraatsprogramma. Zo kan men een lijst verkrijgen van mogelijke promotoren, op basis van het voorgestelde onderzoek. Uiteraard is er geen garantie dat de promotor die de kandidaat-doctorandus/a op het oog heeft, bereid is een doctoraat rond dit onderwerp te begeleiden.

Promotorenteam

Naast de promotor kunnen maximaal drie copromotoren worden aangeduid. Indien de promotor niet verbonden is aan de faculteit (maar wel is goedgekeurd door het groepsbestuur), is minstens een ZAP-lid van de faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen copromotor. Meer informatie over de samenstelling van het promotorenteam vindt men in het facultair doctoraatsreglement.

Wijzigingen in de samenstelling van het promotorenteam worden ter goedkeuring voorgelegd aan de doctoraatscommissie (via mail naar de doctoraatsadministratie PPW).

Doctoraat in de Psychologie of in de Pedagogische Wetenschappen

Afhankelijk van het inhoudelijke wetenschapsdomein van het doctoraat kan voor een doctoraat in de psychologie of voor een doctoraat in de pedagogische wetenschappen worden gekozen. Dit wordt bij de aanvang van het doctoraatstraject en in onderling overleg tussen het promotorenteam en de kandidaat-doctorandus/a vastgelegd.

Duur doctorale periode

De titel van doctor kan ten vroegste behaald worden twee jaar na het behalen van de graad van licentiaat of master.

  • Van doctorandi met een voltijdse onderzoeksopdracht wordt verwacht dat zij het doctoraat behalen binnen een termijn van vier jaar.
  • Van doctorandi die in het kader van een assistentenmandaat aan een doctoraat werken, wordt verwacht dat zij hun doctoraat binnen een termijn van zes jaar afronden.
  • Van doctorandi met een statuut van vrijwillig medewerker of eigen financiering wordt verwacht dat zij hun doctoraat behalen binnen de met hun promotor afgesproken termijn. In eerste instantie starten zij voor een termijn van zes jaar, maar deze periode kan op aanvraag verlengd worden.

In geval van gewettigde onderbreking (wegens ziekte, zwangerschap, e.d.) wordt de totale periode uitgebreid met de duur van deze onderbreking.

Predoctorale periode met proef

Concept

Afhankelijk van de voorkennis en behaalde diploma's kan de promotor en/of de doctoraatscommissie beslissen om de kandidaat-doctorandus/a niet onmiddellijk toe te laten tot de doctoraatsopleiding en eerst een predoctorale periode met proef op te leggen. In samenspraak met de promotor kan de kandidaat-doctorandus/a ook zelf beslissen om eerst te starten met een predoctorale periode met proef i.p.v. onmiddellijk te beginnen met het facultaire doctoraatsprogramma.

Tijdens deze periode/proef zal men nagaan of de kandidaat-doctorandus/ain staat is om binnen de vooropgestelde periode te slagen in het doctoraat en worden de academische bekwaamheid en onderzoeksmaturiteit bevorderd en getoetst. Er is geen vast opleidingspakket, maar de promotor stelt een individueel programma op dat specifiek wordt afgestemd op de noden van de de kandidaat-doctorandus/a. Dit programma moet eerst worden goedgekeurd door de doctoraatscommissie.

Aanvraag en inschrijving

De promotor bezorgt een aanvraag tot predoctorale proef, vergezeld van een voorstel van individueel programma, aan de doctoraatsadministratie PPW. Deze aanvraag bestaat uit (1) het curriculum vitae van de kandidaat, (2) een toelichting door de promotor bij deze aanvraag (waarom wordt een predoctorale proef noodzakelijk geacht?) en (3) een voorstel van individueel programma. Het voorstel van individueel programma bevat (1) een gedetailleerde opgave van de opleidingsonderdelen (uit het aanbod van de KU Leuven) die de kandidaat-doctorandus/a moet volgen, (2) een lijst met eventuele bijkomende studie- en/of onderzoeksopdrachten, (3) de verwachting met betrekking tot de uitwerking van een doctoraatsproject tegen het einde van de predoctorale periode en (4) de voorgestelde duur van de predoctorale periode.

Belangrijk! Enkel dossiers die alle gevraagde documenten en informatie bevatten kunnen tijdig behandeld worden. Onvolledige dossiers worden niet verwerkt, zo lang niet alle informatie is aangeleverd.

De verdere aanvraagprocedure is dezelfde als die voor het doctoraatsprogramma.

Tijdens de predoctorale periode moet men ingeschreven zijn als predoctoraatsstudent. Informatie over deze inschrijving en het inschrijvingsgeld vindt men op de webpagina van de centrale studentenadministratie (zie: 'Predoc' onder 'Bijzondere inschrijvingscategorieën').

Zodra men is ingeschreven en het predoctoraatsprogamma is goedgekeurd door de doctoraatscommissie, moet de predoctorandus/a de opleidingsonderdelen waarvoor hij/zij examen moet afleggen, registreren in het ISP/IER.

Duur

Voor kandidaten uit EER-landen (Europese Economische Ruimte) duurt de predoctorale periode maximaal één jaar. Voor kandidaten uit niet-EER-landen duurt de predoctorale periode maximaal twee jaar.

Evaluatie

De doctoraatscommissie evalueert de predoctorale proef waarbij wordt uitgegaan van (1) het goedgekeurde individueel programma, (2) een verslag dat door de predoctorandus/a wordt opgesteld en (3) een evaluatieverslag dat door de promotor wordt opgesteld.

De predoctorandus rapporteert in het verslag (2) alle verrichte activiteiten en bezorgt het verslag voor de vooropgestelde einddatum van de predoctorale periode aan de doctoraatsadministratie PPW.

Kandidaten die geslaagd zijn met onderscheiding, worden toegelaten tot de doctoraatsopleiding. De predoctorale proef voorziet geen mogelijkheid tot herkansing. Kandidaten die niet slagen met onderscheiding, kunnen, mits ze een activiteitenverslag voorleggen, een attest van “onderzoeksspecialisatie” aanvragen aan de doctoraatscommissie.

Academische toelating tot het doctoraatsprogramma

Alvorens men kan starten met het doctoraatsonderzoek en de doctoraatsopleiding, moet men toegelaten worden tot het facultaire doctoraatsprogramma. Dit geldt voor alle kandidaten! Deze academische toelating staat los van het statuut en de wijze waarop het doctoraat gefinancierd wordt. Zonder deze toelating kan men zich niet inschrijven als doctoraatsstudent.

Wanneer de kandidaat-doctorandus/a een promotor heeft gevonden die bereid is om de doctoraatskandidatuur te ondersteunen, dient de kandidaat-doctorandus/a, in overleg met deze kandidaat-promotor, het aanvraagdossier in bij de faculteit. Afhankelijk van het behaalde masterdiploma en de nationaliteit van de kandidaat-doctorandus/a moet er een van de onderstaande procedures gevolgd worden.

Timing aanvraag

  • Kandidaten die wensen te doctoreren onder een personeelsstatuut (BAP of AAP),dienen het aanvraagdossier voor academische toelating tot het doctoraatsprogramma in bij de doctoraatsadministratie PPW, tegelijk met het indienen van de aanvraag voor de opmaak van een BCF en/of het indienen van het adviesformulier voor de vacature bij het decanaat. Meer informatie.
    De beslissing van de doctoraatscommissie wordt zo snel mogelijk meegedeeld aan het decanaat, zodanig dat zij de aanwervingsprocedure verder kunnen afronden of, indien nodig, kunnen stopzetten.
  • De andere kandidaten dienen het aanvraagdossier voor academische toelating tot het doctoraatsprogramma in bij de doctoraatsadministratie PPW, uiterlijk vijf weken voor de start van het doctoraatsonderzoek.

Kandidaten die vallen onder 'categorie 3',wordt aangeraden om tijdig met de aanvraagprocedure te beginnen, zodanig dat de beslissing door de doctoraatscommissie uiterlijk vijf weken voor de start van het mandaat en/of het doctoraatsonderzoek genomen kan worden.

Belangrijk! Enkel dossiers die alle gevraagde documenten en informatie bevatten (zie aanvraagprocedure) kunnen tijdig behandeld worden. Onvolledige dossiers worden niet verwerkt, zo lang niet alle informatie is aangeleverd.

Aanvraagprocedure

Kandidaten die vallen onder toelatingsvoorwaarde ‘categorie 1’ 

Deze kandidaten dienen een schriftelijke aanvraag in bij de doctoraatsadministratie PPW. Dit aanvraagdossier bevat de volgende documenten:

  • het origineel en ondertekende aanvraagformulier;
  • een recente versie van je curriculum vitae met een overzicht van de gedane studies en de behaalde resultaten en eventuele stage- en werkervaring;
  • een kopie van diploma’s of getuigschriften én een gedetailleerd overzicht van de gevolgde studieprogramma’s en de behaalde studieresultaten, enkel indien deze behaald zijn buiten de KU Leuven;
  • een korte omschrijving van het voorgestelde doctoraatsproject;
  • een gemotiveerde aanvraag voor samenstelling van de begeleidingscommissie, opgesteld door de promotor.
     

Kandidaten die vallen onder toelatingsvoorwaarden ‘categorie 2

Deze kandidaten dienen eveneens een schriftelijke aanvraag in bij de doctoraatsadministratie PPW. Dit aanvraagdossier bevat de volgende documenten:

  • het origineel en ondertekende aanvraagformulier;
  • een recente versie van je curriculum vitae met een overzicht van de gedane studies en de behaalde resultaten en eventuele stage- en werkervaring;
  • een kopie van diploma’s of getuigschriften én een gedetailleerd overzicht van de gevolgde studieprogramma’s en de behaalde studieresultaten, enkel indien deze behaald zijn buiten de KU Leuven;
  • een gemotiveerde aanvraag voor samenstelling van de begeleidingscommissie, opgesteld door de promotor;
  • een korte omschrijving van het voorgestelde doctoraatsproject;
  • een gemotiveerd advies van de promotor dat de aanvraag verder toelicht en verdedigt.
     
Kandidaten die vallen onder toelatingsvoorwaarde ‘categorie 3’ 

Deze kandidaten dienen hun aanvraag in bij het International Office van de KU Leuven: “International Admissions and Mobility”. Het aanvraagdossier bevat minstens volgende documenten:

  • een recente versie van je curriculum vitae met een overzicht van de gedane studies en de behaalde resultaten en eventuele stage- en werkervaring;
  • een kopie van diploma’s of getuigschriften én een gedetailleerd overzicht van de gevolgde studieprogramma’s en de behaalde studieresultaten;
  • een korte omschrijving van het voorgestelde doctoraatsproject;
  • Het facultaire aanvraagformulier met de onderstaande informatie:
    • De (beoogde) startdatum van het doctoraat;
    • De duur van de doctorale periode;
    • een gemotiveerde aanvraag voor samenstelling van de begeleidingscommissie, opgesteld door de promotor;
    • een gemotiveerd advies van de promotor dat de aanvraag verder toelicht en verdedigt.

Beslissing en toelating tot het doctoraatsprogramma

Kandidaten die vallen onder toelatingsvoorwaarde 'categorie 1',worden automatisch toegelaten. Voor alle andere kandidaten beslist de doctoraatscommissie, op basis van het aanvraagdossier en het bijbehorende advies van de promotor, of men al of niet wordt toegelaten en of de kandidaat-doctorandus/a de (volledige) doctoraatsopleiding moet volgen. Zodra men de toelating heeft gekregen, moet men zich inschrijven als doctoraatsstudent.

Doctoraatsopleiding

Standaard volgt elke doctoraatsstudent de doctoraatsopleiding. Enkel in heel uitzonderlijke gevallen kan gedeeltelijke vrijstelling van de opleiding worden toegestaan door de doctoraatscommissie.

Gezamenlijke doctoraten (gezamenlijke of bi-diplomering)

Wanneer er bij de voorbereiding van een doctoraatsproefschrift intense onderzoekssamenwerking was met (een) andere binnenlandse of buitenlandse intelling(en), kan de KU Leuven samen met deze instelling(en) een gezamenlijk diploma (= joint degree) of een dubbeldiploma (= double degree) uitreiken.
 
Algemene informatie over gezamenlijke doctoraten vindt men in het facultair doctoraatsreglement.
 

Bijkomende vereisten Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen

  • Indien de doctoraatsopleiding (gedeeltelijk) aan de andere instelling wordt gevolgd, moet deze opleiding evenwaardig zijn aan de doctoraatsopleiding van de faculteit en ten minste bestaan uit het geven van een paper of een posterpresentatie op een internationaal congres en eerste auteur zijn van minstens één internationale publicatie.
  • Indien de KU Leuven wordt aangeduid als partnerinstelling, dient de doctorandus/a bijkomend te voldoen aan de regels voor de voortgangsrapportering van de faculteit. In dit geval wordt de voortgangsrapportering opgevolgd door het promotorenteam en de doctoraatscommissie.
  • De doctorandus/a kan vrijgesteld worden van het indienen van het halftijds onderzoeksrapport en de verplichting om een halftijdse evaluatiecommissie te laten samenkomen op voorwaarde dat hij/zij kan aantonen dat dit in de andere instelling is gebeurd of zal gebeuren.
  • De doctorandus/a dient zich jaarlijks in te schrijven als doctoraatsstudent aan de KU Leuven.

Facultaire procedure gezamenlijk doctoraat

  • Wanneer de kandidaat-doctorandus/a een promotor heeft gevonden die bereid is om het gezamenlijk doctoraat te ondersteunen, dient de kandidaat-doctorandus/a, in overleg met deze kandidaat-promotor, het aanvraagdossier voor academische toelating tot het doctoraatsprogramma, in bij de doctoraatsadministratie PPW.
  • Gelijktijdig met het indienen van het aanvraagdossier voor academische toelating, of uiterlijk een jaar na aanvang van het doctoraat aan de KU Leuven, dient de doctorandus/a een door de promotor goedgekeurd aanvraagdossier in bij de doctoraatsadministratie PPW om toelating te krijgen om te mogen starten met een gezamenlijk doctoraat. Deze aanvraag wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de doctoraatscommissie, waarna verdere afspraken worden geconcretiseerd in de samenwerkingsovereenkomst tussen de KU Leuven, de andere instelling(en) en de doctorandus/a.
Voor alle verdere vragen over het starten van een gezamenlijk doctoraat en de te volgen procedure neemt men contact op met de doctoraatsdministratie PPW.